Hanke Boom heeft bijna alles gedaan bij Hockey Club Capelle


<p>Hanke Boom: vervlochten met en verknocht aan Hockey Club Capelle. (Foto: Wijntjes Fotografie)</p>

Hanke Boom: vervlochten met en verknocht aan Hockey Club Capelle. (Foto: Wijntjes Fotografie)

(Foto: Wijntjes Fotografie)

Hanke Boom heeft bijna alles gedaan bij Hockey Club Capelle

  Sport

Capelle - Er is vrijwel geen functie te vinden die Hanke Boom níet heeft vervuld bij Hockey Club Capelle. Nou vooruit, eentje dan: “Ik ben nooit penningmeester geweest”, glimlacht de 71-jarige Capellenaar van Drentse komaf. “En dat is maar beter ook, want ik ben geen man van de centjes.”

Door Jan Timmer

We treffen Hanke Boom op het in herfsttinten ondergedompeld complex van HCC op sportpark Schenkel. Je zou deze locatie zonder de overdrijven Boom’s natuurlijk habitat mogen noemen, want hij bracht er sinds 1983 tienduizenden uren door. Als hockeyend lid, als voorzitter, als secretaris, als lid van de werkploeg, als parkcoördinator, als barmedewerker, als clubbladredactielid en in hockeytechnische functies. Zijn inzet en toewijding leverden hem het erelidmaatschap en een lintje op. “Ik heb heel wat jaren gekend met twee banen”, stelt Boom vast. “Overdag werkte ik als beleidsmedewerker Buitenruimte voor de gemeente Ridderkerk, mijn vrije uren had ik mijn vrijwilligersjob bij HCC. Het kon allemaal mooi samen, omdat ik nooit de verantwoordelijkheid heb gehad over een gezin. Bij de vereniging hadden ze dat al snel door. Al vrij kort nadat ik lid was geworden van het toen nog piepjonge HCC - dat moet in 1977 geweest zijn na mijn verhuizing van Meppel naar ‘het westen’ - werd me gevraagd of ik iets in het veldonderhoud wilde doen. Prima, vond ik. Nog dezelfde week liep ik met mijn krijtkar over het hockeyveld op sportpark Couwenhoek, onze toenmalige thuishaven. Dat was het begin van veel meer! Rond de verhuizing naar Schenkel heb ik me, samen met een groep andere enthousiastelingen ook ingezet. In 1984 werd onze accommodatie officieel geopend door burgemeester Van Leeuwen en wethouder Dienny Kroos. Er zou bij die gelegenheid ook een Dienny Kroos-pad worden onthuld. Toen het doek van de plaat werd geschoven stond mijn naam er op; een volslagen verrassing. Maar mooi vond ik het zeker.”

Hanke Boom zag zijn HCC in de loop der decennia groeien. Momenteel telt de club zo’n 400 leden. Het complex ligt er dankzij de onderhoudsploeg mooi bij, de sfeer is goed, financieel gaat het heel aardig. Het enige wat nog ontbreekt is een van activiteiten bruisende ambiance. Maar ja, coronatijd. “Ik mis het wel: die verenigingsgezelligheid in een goed gevulde kantine en en rondom onze velden”, zegt Boom .”Maar goed, het is niet anders. We moeten wachten op betere tijden. Voor mijn werkzaamheden op het sportpark is er niet veel veranderd. Ik doe wat ik altijd al deed. En ik hoop dat nog een tijd te mogen volhouden. Zolang mijn lijf me niet in de steek laat, ga ik door. Ik ben altijd al iemand geweest die van het buitenleven en van natuur en sport houdt. Tot een aantal jaren gelden hockeyde ik nog. Door knieproblemen gedwongen moest ik helaas afhaken. Tennissen en fietsen lukken gelukkig nog wel. Is net even een andere belasting.”

Hanke Boom maakte de voorbije ruim veertig jaar vooral mooie dingen mee bij HCC. “De ups winnen het van de downs. Natuurlijk waren er ook de mindere momenten. Soms trof je een bestuur met mensen die de wijsheid in pacht dachten te hebben en vrijwilligers niet helemaal in hun waarde lieten. Daar had ik het wel eens moeilijk mee. Het is juist zo belangrijk om vrijwilligers aandacht te geven, serieus te nemen, te erkennen in hun kennis van zaken en te enthousiasmeren. Het huidige bestuur snapt hoe dat werkt. En dat betekent dat je je als vrijwilliger met extra plezier inzet voor je vereniging.”

Soms laat Hanke Boom zich verleiden tot bespiegelingen over de toekomst van de hockeysport ten oosten van Rotterdam. “In Rotterdam heb je drie grote hockeyclubs, waarvan er twee hemelsbreed niet ver bij ons vandaan liggen”, zegt hij. “Ik vraag me wel; eens af hoe een club als HCC dat vol gaat houden en of het niet veel slimmer is om samen met andere relatief kleine clubs aan de oostkant van Rotterdam, de krachten te bundelen. Je zou samen met MCHK, Hockey Club Ommoord en De IJssel uit Nieuwerkerk tot een mooi sportbolwerk kunnen komen dat je op een nieuw complex zou kunnen situeren, een sportpark dat van alle gemakken voorzien is en ruimte biedt aan minimaal zes velden. Met een grote hockeyvereniging vergroot je je slagkracht en kun je nog meer doen op het vlak van talentontwikkeling en prestatieniveau. Daar móet je een prima overgangsklasser van kunnen maken, denk ik zo. Belangrijk is wel dat zo’n grote club de kleinschaligheid van de verenigingen waar ie uit voortvloeit, weet te handhaven. Want sfeer en een geborgen gevoel zijn voor veel mensen de aanleiding om zich juist bij een vereniging aan te sluiten. Ik heb het zelf gemerkt toen ik bij HCC ging spelen eind jaren zeventig. Ik voelde me snel thuis en dat gevoel is nooit meer overgegaan.”

Hanke Boom zou Hanke Boom niet zijn als hij toch niet nog wat te wensen zou hebben voor ‘zijn’ HCC. “We hebben nu veel materialen opgeslagen in verschillende containers op ons complex”, stelt hij vast. “dat is zo gegroeid in de loop der jaren, maar mooi is anders. Het liefst zouden we al die ouwe troep van het sportpark verwijderen en een nieuwe ruimte realiseren waar we de spullen in kwijt kunnen. Ook meer kleedruimte is eigenlijk een must. We zijn daar in echter afhankelijk van Sportief Capelle en de gemeente Capelle aan den IJssel, twee partners die zich regelmatig van goede wil tonen en ons vaak ter wille zijn. Laten we hopen dat dat in deze situatie ook gebeurt. Ons sportpark zou er nóg weer een stukje mooier van worden en ons vrijwilligerswerk wat eenvoudiger. Nee, meer te zeuren heb ik niet, ha ha! Maar je kent me, hè: ik wil net als het bestuur het beste voor mijn club en de leden. Dat is in de loop er jaren nooit veranderd HCC is en blijft je club!”

Shopbox

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden