
Biografie over leven van Frieda Souhuwat-Tomasoa: dialoog als wapen in de strijd voor Molukse rechtvaardigheid
NieuwsCapelle - Van de hand van Tonny van der Mee verschijnt komende week de biografie ‘Vrijheid als roeping. Het verhaal van Frieda, een Molukse strijder voor rechtvaardigheid’. Het is het verhaal van de Capelse Frieda Souhuwat-Tomasoa, die één van de belangrijkste diplomatieke hoofdpersonen voor de Molukse gemeenschap in Nederland werd.
Ze kwam niet zelf op het idee om met haar verhaal op de voorgrond te treden, maar liet zich overhalen. “Ik heb zoveel gedaan, maar ik deed het voor de zaak. Voor de Molukkers.”
Frieda kwam in 1951 als 4-jarige met haar familie naar Nederland. Het gezin werd eerst gehuisvest in kamp Vught, het voormalige concentratiekamp.
Toen keukentjes geplaatst werden kwam het besef: het verblijf hier is niet tijdelijk
Ze herinnert zich nog veel van die tijd: “Daar waren donkere gangen, met aan het eind het toilet en de waslocatie. Er was geen warm water, dat moest je halen in een speciaal gebouw. We hadden geen tafel - alleen een paar stoelen - en het eten kwam uit de centrale keuken. Tot er later kleine zinken keukentjes geplaatst werden en de mensen zelf moesten koken. Toen kwam ook het besef: het verblijf hier is niet meer tijdelijk.”
Later - toen ik mij bewuster werd - ging ik vragen stellen
Meteen na aankomst ontslagen
Als kind ervaarde ze niet direct dat haar ouders het moeilijk hadden in Nederland. “Je speelt dan en voelt niet die benauwdheid. Toch weet ik nog goed hoe emotioneel mijn ouders reageerden toen de kisten met hun spullen opengemaakt werden, wat toonde dat we ons voor langere tijd gingen vestigen. Dat was de tweede belofte die gebroken werd. De eerste was het ontslag van mijn vader uit het KNIL, direct bij aankomst. Later, pas toen ik mij bewuster werd, ging ik vragen stellen.”
“Alleen mijn moeder sprak over het verleden, maar vader zei eigenlijk niets. Hij is ook zwaargewond geraakt tijdens zijn diensttijd; zijn vingers werden afgesneden met een zwaard toen hij zichzelf beschermde tegen een aanval door een spion.”
De Nederlandse overheid had meer openheid, acceptatie en begrip kunnen tonen
Frieda komt meer te weten over de oneerlijke behandeling van haar ouders en raakt al snel geïnteresseerd in de Molukse zaak. “De Nederlandse overheid had meer openheid, acceptatie en begrip kunnen tonen. Vooral voor de eerste generatie, die het moeilijk hadden en óók nog hun kinderen moesten begeleiden om in de samenleving van betekenis te zijn. Er waren geen instituties die hielpen bij trauma. Ik vind het nog steeds bijzonder dat de Molukse gemeenschap toen niet totaal ontwricht is. Mijns inziens heeft dat vooral te maken met het sterke geloofsleven van de eerste generatie. Het geloof hielp velen van hen bij het banen van hun weg in Nederland.”
Strijd door dialoog
De strijd tegen onrecht en voor vrijheid, met de dialoog als bewapening, maakte Frieda Souhuwat-Tomasoa tot haar roeping. “Want dat is onze ouders ontnomen”, verklaart ze. Het voeren van dialoog bracht ze in de praktijk tijdens haar werk voor de VN voor mensenrechten- en vredesinitiatieven en haar betrokkenheid bij de Unrepresented Nations and Peoples Organization, een organisatie die opkomt voor niet-vertegenwoordigde volkeren en minderheden.
Kwaad bloed gezet
Ze maakte ook felle demonstraties bij de Indonesische ambassade en de treinkaping in 1977 mee. Over het gebruik van geweld onder Molukse jongeren zegt ze: “Je ziet van dichtbij het verdriet en het lijden van je ouders. Dat heeft bij hen kwaad bloed gezet. De Nederlandse overheid sloot de deur voor iedere vorm van gesprek en oefende vanwege economische belangen geen druk uit op Indonesië.” Zelf volgde Frieda Souhuwat-Tomasoa altijd de weg van de dialoog, naar het hoofddoel: de uiteindelijke onafhankelijkheid van de RMS. Daar gelooft ze nog altijd in.
Sterke wortels en verbondenheid
Volgens Souhuwat-Tomasoa zijn de Molukken de derde armste en corrupte provincie in Indonesië. Veel jeugd gaat elders werken en studeren, en rijke investeerders uit andere delen van het land nemen hun plek in. “Je ziet dus een ontheemding en dorpen met alleen oude mensen. Gelukkig zijn er - bijvoorbeeld vanuit Nederland - projecten waarbij de lokale bevolking geholpen wordt. Maar het houdt voor ons het vuur aan om te blijven strijden voor de Molukken. De verbondenheid en wortels zijn sterk.”
Het geloof is de basis om kracht uit te putten om door te gaan
Geloof als rode draad
Het geloof is de rode draad in het leven van Frieda Souhuwat-Tomasoa en haar ouders. “Het geloof in God hield mijn ouders op de been in Nederland”, vertelt ze. “En voor mij is het de basis om kracht uit te putten om door te gaan. In het lobbywerk kreeg ik best veel aanvallen. Op missie in Koerdistan met de blauwe baretten dacht ik: ‘Dit overleef ik niet.’ Maar ik ben er nog. Ik kreeg altijd kracht en ondersteuning vanuit het gebed en de Bijbel.”
Het boek ‘Vrijheid als roeping’ verschijnt maandag 15 juni en is te koop in (online) boekwinkels. ISBN 9789 4648 74891.





















